SHELTIE-KLEUREN GENETISCH GEZIEN


Voor de kleurvariaties zijn diverse genen verantwoordelijk. Deze genen zijn gerangschikt in verschillende groepen of series en worden aangegeven met verschillende letters. Elke groep bestaat vaak uit verschillende genen en van elk van deze groep heeft iedere hond er twee, één gekregen van de moeder en één gekegen van de vader. Wanneer deze gekregen genen identiek zijn spreken we van homozygoot. Zijn ze niet gelijk dan noemen we dit heterozygoot. In zo'n geval overheerst, of domineert, het ene gen over het andere. Dat andere, niet dominante gen noemen we recessief en wordt altijd met een kleine letter aangeduid terwijl een dominant gen met een hoofdletter aangegeven wordt.

Een aantal van deze genen zijn bij iedere Sheltie hetzelfde, zoals "B B" wat verantwoordelijk is voor o.a. de zwarte neus, een hond met een bruine neus heeft niet het dominante "B" gen maar van beide ouders het recessieve "b" gen gekregen, dus "b b". Gelijk voor alle Shelties zijn ook de genen "C C", "D D" en "g g" wat voor een intensieve pigmentering zorgt en op de extentionreeks vinden we de genen "E E" die voor een evenredige verdeling van het pigment over de gehele vacht zorgt. Alle Shelties hebben witte aftekening, die we zien op de staartpunt, borst en poten. Ze mogen ook een witte bles en kraag hebben. Soms zien we in het wit van de poten bruine of zwarte vlekjes. Hier is het ticking-gen "T" voor verantwoordelijk. Shelties zonder ticking dragen het recessieve "t t".

SABLE EN ZWART

Foto driekleur Er zijn bij de Sheltie twee hoofdkleuren, sable en zwart. Beide kleuren behoren bij de A serie, "ay" voor sable en "at" voor zwart en tan, waarbij "ay" overheersend, of te wel dominant is over "at". Bij de Sheltie spreken we niet (meer) van zwart en tan maar driekleur omdat tegenwoordig alle Shelties witte aftekeningen hebben. De driekleur is, naast het wit op de gebruikelijke plaatsen, grotendeels zwart met tan aftekeningen op de poten, langs de bek, boven de ogen en onder de staart.

Foto gold sable en dark sable Kruist men een homozygoot sable ("ay ay") met een homozygoot driekleur dan krijgen alle pups het "ay" gen en het "at" gen heterozygoot sable. De kleur van deze sables zijn doorgaans iets donkerder van kleur dan de homozygoot sables, die we vaak "gold sable" noemen. We noemen de donkere kleur ook wel "dark sable" of "shaded sable".

Foto zwart/wit Naast de "ay" en "at" kan een Sheltie ook nog het "a" gen dragen, welke recessief is over "at" en dus ook over "ay". Dit gen zorgt voor een zwarte vacht zonder tan, de zwart/wit Sheltie. Een sable of driekleur kan drager zijn van "a" gen zonder dat hier iets van te zien is. De kleur zwart/wit komt dus alleen tot uiting wanneer deze homozygoot is.

DE MERLE FACTOR

Foto blue merle De blue merle heeft dezelfde genen als een driekleur, maar op de M serie draagt deze Sheltie de dominante "M" wat de gedeeltelijke verdunning van de vacht veroorzaakt. De vachtkleur is dan grijs met zwarte vlekken. Honden die de merle factor dragen hebben ook vaak verschillende kleur ogen. Twee blauwe of een blauw en een bruin oog, maar het kan ook zo zijn dat een oog half blauw half bruin is. De honden zonder de merle factor dragen "m m".

Foto bi-blue Ook de zwart/wit Sheltie mag de merle factor dragen. Deze gemerlde zwart/wit noemen we ook wel een bi-blue en ziet eruit als een blue merle zonder tan. Helaas worden de bi-blue Shelties nog steeds blue merles genoemd ondanks dat deze genetisch er toch heel anders uitzien. Een blue merle heeft naast het "M" gen immers het "at" gen terwijl de bi-blue twee "a" genen heeft.

De sable-merle is een sable met de merle factor, waarbij de sable kleur lichtere vlekken heeft die vaak alleen zichtbaar zijn bij pups. De sable-merle kan ook blauwe ogen hebben maar dit is niet toegestaan. Dit is tezamen met het feit dat een volwassen sable-merle bijna niet te onderscheiden is van een gewone sable, een van de redenen waarom een sable niet met een merle gekruist wordt.
Wanneer men twee merles met elkaar kruist heeft men 25% kans op een homozygoot merle ("M M"). De vachtkleur wordt dan dubbel verdunt. We zien dan Shelties die bijna geheel wit zijn. Maar deze witte Shelties zijn vaak doof en/of blind en daarom worden twee merles niet met elkaar gekruist.


WIT

Het wit, wat tegenwoordig bij alle Shelties aanwezig is, wordt veroorzaakt door de "si" wat behoort tot de S serie. De "si" gen zorgt ervoor dat er op bepaalde plaatsen geen pigment gevormd wordt. De "si" staat voor Irish spotting en is recessief over "S" wat staat voor volledig gekleurd. Naast de "si" zien we dat sommige Shelties ook de factor voor piebald spotting of de witfactor dragen ("sp") wat de witte vlakken groter maakt ("si" is dominant over "sp").

Foto bontje Wanneer een Sheltie homozygoot "sp" zien we een vacht met te veel wit, "de bontjes". Deze bontjes hebben over het gehele lichaam witte vlekken, en is soms geheel wit met alleen een gekleurd hoofd. We noemen dit dan ook wel "color-headed white". Deze kleur moeten we niet verwarren met de dubbel merle. De bonte shelties zijn net zo gezond als de andere kleuren, alleen volgens de standaard is te veel wit ongewenst. Soms heeft een Sheltie die de witfactor ("si sp") draagt een witte vlek op een ander deel van het lichaam naast de gebruikelijke plaatsen, maar vaak is er geen verschil te zien tussen een Sheltie met "si si" en "si sp". Bij Shelties met "si sp" zien we nog wel eens dat het wit op de binnenkant van de achterpoten doorloopt naar de knie, maar dit hoeft per definitie niet altijd zo te zijn.

We hebben bij de S serie namelijk ook te maken met de zogenaamde plus en min genen. De plus genen zorgen voor meer pigment terwijl de min genen juist voor minder pigment (dus voor meer wit) zorgen. Dit verklaart dat sommige Shelties een grote witte kraag hebben, anderen op die plaats alleen een witte vlek en weer andere helemaal geen wit in de nek hebben. Zo kan een Sheltie met “si si”en veel min genen net zoveel wit hebben als een Sheltie met “si sp” met veel plus genen.


BLACK AND TAN

Nog iets over de black and tan. Deze kleur kwam tot de jaren dertig nog wel eens een enkele keer voor maar is nu uitgestorven. Twee Shelties die mij bekend zijn, zijn de twee teven "Tango of Houghton Hill" en "Starling". Hoe het genotype van deze honden eruit zag weet ik niet precies. Naar mijn weten is hier bij Shelties nog nooit onderzoek naar gedaan. Het meest logische is dat deze honden naast de "at at" (of "at a") het dominante gen "S" dragen. Immers "S" staat voor volledig gekleurde vacht zonder wit. Dit zou betekenen dat een van beide ouders ook het "S" gen (dus geen wit) heeft. In de English Charts kunnen we terug vinden dat de vader van "Tango of Houghton Hill" een driekleur was en de moeder een sable. De kleur van de vader doet ons vermoeden dat hij de genen "si si" had. Had de sable moeder dan "S", dus geen wit? Waren er dan bijvoorbeeld ook blue merles zonder wit of geheel zwarte Shelties? Lerwich Freya was een Sheltie zonder tan die, op een paar witte teentjes en een minuscuul klein vlekje op de bost na, bijna helemaal zwart was. Was zij het genotype "a a en S S" met een meerderheid aan min genen of "a a si si" met een meerderheid aan plus genen? Ik vraag mij af of we hier ooit nog achter komen, of er ooit nog black and tan Shelties geboren zullen worden.


AFWIJKENDE KLEUREN

Foto verdunde blue merle Hierboven schreef ik dat een aantal genen bij alle Shelties gelijk zijn maar omdat vroeger de Sheltie is ontstaan uit verschillende rassen met veel verschillende genen is dat niet altijd het geval. Er kunnen bepaalde zeldzame recessieve genen zijn die, wanneer deze opgedubbeld worden, tot uitting komen. In één van mijn nesten, driekleur x blue merle, werd zo'n afwijkende kleur geboren. Deze reu was bij de geboorte donker grijs van kleur. Later bleek dat dit waarschijnlijk toch een blue merle was omdat hij steeds lichter van kleur werd en daarbij had hij een paar donkerder vlekjes wat naar alle waarschijnlijkheid duidt op de merle factor. Klik op de foto als u wilt zien hoe deze Sheltie er op volwassen leeftijd uitziet.

Aangezien deze vlekjes niet zwart waren maar donker grijs is het niet ondenkbaar dat er een ander gen verantwoordelijk is voor deze kleur. Mogelijk is dit het "d" gen. Dit gen verdunt de vachtkleur. Omdat dit gen recessief is moet hij van beide ouders dit gen meegekegen hebben en dus homozygoot zijn. Dit "d d" gen kan bij alle kleuren voorkomen maar bij de zwarte vachten komt dit het duidelijkst naar voren. Men spreekt dan van de "maltese blue". De sables zijn er in verschillende kleurschakeringen en daarom zal men bij een hele lichte sable niet zo snel denken aan het "d" gen. Daarnaast hebben we met dit gen vermoedelijk ook te maken met plus en min genen zoals bij de genen op de S locus. Helaas is er maar weinig over afwijkende genen bekend bij de Shelties.


Karin M. Vrieswijk-Zeijlemaker
Sheltiekennel v.d. Noorder Gronden





Terug